Waterbeheersplan: zorgen voor droge voeten en schoon water

logo_4.gif (3 Kb)
 

Sidebar

Homepage > Waterbeheersplan: zorgen voor droge voeten en schoon water

Waterbeheersplan: zorgen voor droge voeten en schoon water

Waterschap anticipeert met concrete maatregelen op klimaatverandering

Het algemeen bestuur van het Waterschap Roer en Overmaas heeft op 29 september 2009 het waterbeheersplan 2010 – 2015 vastgesteld. Samenwerking, draagvlak, haalbaarheid en betaalbaarheid zijn de kernwoorden die het bestuur voor ogen stonden bij de discussies over het plan. Het waterbeheersplan met de bijbehorende bijlagen bevat concrete maatregelen die het waterschap de komende  zes jaar gaat aanpakken. Denk daarbij aan investeringen voor bescherming tegen wateroverlast en verbetering van de waterkwaliteit, de visie van het waterschap op het waterbeheer in Zuid- en Midden-Limburg en beslissingen over de uitvoering van nieuwe projecten.
De maatregelen op het gebied van het verbeteren van de waterkwaliteit en de natuurlijke toestand van de beken maken onderdeel uit van het internationale stroomgebiedbeheerplan Maas.  Alle landen van de Europese Unie moeten voor het einde van dit jaar voor de Europese Kaderrichtlijn Water dergelijke plannen maken. Waterschap Roer en  Overmaas is het eerste waterschap dat zijn bijdrage hieraan formeel heeft bekrachtigd.

Klimaatverandering
Klimaatverandering dwingt tot het nemen van maatregelen. Meer regen in de winter, en in de zomers langere droge perioden maar wel met zwaardere buien, kunnen leiden tot wateroverlast, watertekorten en een slechtere waterkwaliteit voor natuur en landbouw.  Om duidelijkheid te bieden over de bescherming tegen wateroverlast, worden door de Provincie Limburg aan het eind van dit jaar wateroverlastnormen vastgesteld. Om aan deze normen te kunnen voldoen gaat het waterschap ongeveer 150 regenwaterbuffers in het hellende gebied van Zuid-Limburg aanpassen of vergroten. Deze vergroting wordt echter zo veel mogelijk beperkt door er ook vanuit te gaan dat er op akkers bronmaatregelen worden genomen. Om bodemerosie en wateroverlast te verminderen zal de landbouw grootschalig niet-kerende grondbewerking toepassen in plaats van ploegen. Dit zorgt ervoor dat er bij hevige buien meer water in de grond wegzakt en minder over het oppervlak wegstroomt. Vanaf 2013 wordt dit of het nemen van maatregelen die vergelijkbaar effectief zijn verplicht.

Schoon regenwater uit het riool
We proberen zoveel mogelijk schoon regenwater uit het riool te weren. Ook vinden er dan minder riooloverstorten plaats (de waterkwaliteit van de beken wordt dan beter) en hoeft er minder geïnvesteerd te worden in bergbezinkbassins of grotere rioolbuizen. Het dakwater van huizen kan bijvoorbeeld naar zinkputten of naar vijverpartijen geleid worden. Om dit te stimuleren is het waterschap van plan om (samen met de Provincie Limburg) een subsidieregeling voor gemeenten in het leven te roepen.

Wat betreft de maatregelen voor de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) is het verplicht om alle wateren een status toe te kennen:  In ons werkgebied is aan de meeste wateren de status “sterk veranderd” toegekend, omdat in het verleden veranderingen zijn aangebracht (zoals rechttrekken beken, aanleg stuwen, aanleg drainages en verstedelijking) waardoor de goede ecologische toestand in 2015 waarschijnlijk niet wordt gehaald. Wel blijken al een aantal wateren al gedeeltelijk te voldoen aan de doelstellingen van de Goede EcologischeToestand . Aan drie wateren is de status “natuurlijk” toegekend, omdat ze nog vrijwel overal op een natuurlijke manier in het landschap meanderen (Roer, Rode beek Meinweg en Gulp). Wat betreft de fysisch-chemische toestand blijkt dat de KRW-doelstellingen voor chloride, watertemperatuur, zuurgraad en zuurstofgehalte in de meeste waterlichamen nu al gehaald worden. De fosfaat- en nitraatgehalten blijken echter in veel wateren de normen te overschrijden. Om de KRW-doelstellingen te halen worden de volgende maatregelen genomen: herinrichting van beken (met meanderstroken, natuurvriendelijke oevers, natuurlijke begroeiing enz.), het doorgankelijk maken van de  beken voor visdoelsoorten (verwijderen barrières, aanleg paai- en leefgebieden; de meeste knelpunten worden in de planperiode opgelost), het verminderen van vervuiling vanuit gemeentelijke rioolstelsels en de verdere verbetering van het zuiveringsproces in rioolwaterzuiveringsinstallaties (rwzi’s).

Concrete maatregelen

In de periode 2010 – 2015 neemt het waterschap onder andere de volgende nieuwe maatregelen:

  • Aanleg en onderhoud van erosieremmende maatregelen en het vergroten van ongeveer 150 regenwaterbuffers in Zuid-Limburg ter bestrijding van wateroverlast.
  • Bij de rioolwaterzuiveringsinstallaties in Kerkrade-Kaffeberg en Rimburg nemen we extra zuiveringsstappen om meer stikstof of fosfaat te verwijderen.
  • We sluiten op termijn de rioolwaterzuiveringsinstallaties van Simpelveld en Heerlen,  het afvalwater leiden we naar respectievelijk Wijlre en Hoensbroek.
  • We lossen 29 knelpunten op het gebied van vismigratie op (7 stuks in de Middelsgraaf, 13 in de Geul, 1 in de Eyserbeek, 3 in de Selzerbeek, 1 in de Rode beek Brunssum en 4 in de Geleenbeek).
  • We gaan ruim 70 kilometer grotere beken opnieuw inrichten (laten meanderen). De capaciteit van de beken vergroten we dusdanig dat de beken voldoen aan de nieuwe normering. Daarbij houden we rekening met de verwachte klimaatverandering. Daardoor  kunnen grote hoeveelheden neerslag veilig worden opgevangen. Bij de grotere beken gaat het om 3 km Vlootbeek, 6,7 km Middelsgraaf, 2,9 km Keutelbeek, 10,2 km Geul, 6,3 km Eyserbeek, 8,5 km Selzerbeek, 2,4 km Rode beek Brunssum, 3,4 km Caumerbeek, 23, 9 km Geleenbeek, en 2,9 km Anselderbeek.
  • Daarnaast worden ook bron- en kwelzones beschermd. Na de planperiode van dit waterbeheersplan voldoen dan 11 van de 17 sterk veranderde waterlichamen aan de morfologische doelstellingen van de Europese Kaderrichtlijn Water. De snelheid waarmee de maatregelen uitgevoerd worden is afhankelijk van grondverwervingsmogelijkheden. De rest wordt in de volgende planperioden heringericht. Het gaat daarbij  onder meer om grensscheidende beektrajecten, waarvoor veel overleg met buitenlandse waterbeheerders nodig is.
  • Voor Natura-2000 gebieden, zoals de Turfkoelen bij Herkenbosch, worden maatregelen getroffen om verdroging te bestrijden. Ook in andere natuurgebieden wordt samen met de terreinbeheerders  naar passende oplossingen gezocht.

Achtergrondinformatie
Waterschap Roer en Overmaas zorgt voor de kwantiteit en de kwaliteit van het water de beken en plassen in Zuid- en Midden-Limburg, zuivert het afvalwater van bedrijven en particulieren én beheert de waterkeringen langs de Maas. Het doel is het realiseren van veilig (bescherming tegen overstromingen), voldoende (voorkomen droogte) en schoon water in een zo natuurlijk mogelijk ingericht watersysteem. In ons waterbeheersplan geven wij aan wat we willen doen en met welke partijen wij samenwerken om de doelstellingen te bereiken.
Waterschap Roer en Overmaas is een bijzonder waterschap met twee unieke kenmerken: het werkgebied grenst voor 90% aan Duitsland en België en Zuid-Limburg heeft hellingen. Het water stroomt dus sneller dan in de rest van Nederland en dit leidt in het buitengebied tot specifieke problemen zoals bodemerosie (waardoor vruchtbare landbouwgrond verloren gaat) en water- en modderoverlast op lager gelegen plekken. Maar ook bebouwde hellende gebieden vereisen een aangepast afwateringssysteem om wateroverlast te voorkomen.  Het internationale karakter uit zich door een intensieve samenwerking met Duitse, Vlaamse en Waalse partners. Dit waterbeheersplan is gelijktijdig opgesteld en afgestemd met het provinciale Waterplan 2010 – 2015 en het Stroomgebiedsbeheersplan voor de Maas.

Naar boven